Drink Griekse wijn

Cato Maior (234-149 voor Christus) mag dan volgens de overlevering een norse, oerconservatieve Romein geweest zijn, met vooral een grote afkeer voor uit Griekenland overgewaaide gewoonten, hij kende de truken van de nochtans Griekse retorische foor verduiveld goed. Iedere tussenkomst in de Romeinse senaat besloot hij met de oproep om de Noord-Afrikaanse stad Carthago, Romes aartsvijand, van de kaart te vegen. Door de herhaling van dat “overigens ben ik van mening dat Carthago moet worden verwoest” sleep hij deze overtuiging diep in de geesten van zijn tijdgenoten in. De finale kaalslag van de derde Punische Oorlog in 146 heeft hij zelf net niet meer mogen meemaken.

Uit recent onderzoek van de Amerikaanse neurolinguïst George Lakoff weten we wat het effect is wanneer bepaalde boodschappen eindeloos worden herhaald en zo breed ingang vinden. De herhaling kan dienen om de geesten van mensen politiek te ‘framen’. Cato met zijn Carthago is een klassiek voorbeeld, maar ook vandaag bezigen de machthebbers dit retorisch beginsel om het volk naar hun pijpen te doen dansen. Denk aan ‘Tina’, het tot in den treure door de politieke partijen die op Vlaams en federaal niveau de plak zwaaien aangehaalde “there is no alternative”. Waarmee ze bedoelen dat de werkende middenklasse dient te boeten voor begrotingstekorten, hun sociale verworvenheden de schop op mogen, hun factuur voor onderwijs, kinderopvang, gezondheidszorg enzovoort best nog wat hoger kan. En ik begrijp na nog maar eens wat Lux- en Swissleaks niet dat we niet in opstand komen tegen dat ge-tina. De Vlaamse regering subsidieert trouwens met ons belastinggeld via de Vlaamse Luchtvaartmaatschappij ten behoeve van frauderend diam-antwerpen vanuit Deurne dagelijks twee vluchten naar Genève. Net zoals men eergisteren de in datzelfde Zwitserland wonende Uplaceboer Bart Verhaeghe een megacadeau deed onder het viaduct van Vilvoorde. Neen, geen gewoon ‘shoppingcenter’, maar een met ‘belevingswinkels’, dixit deze profeet der projectontwikkelaars. En intussen ben ik al blij dat ik op mijn school in een container mag lesgeven, want geld voor scholenbouw blijft achter, wat La Crevits ook moge toeteren.

Eén volk in Europa is intussen in opstand gekomen tegen de deprimerende vanzelfsprekendheid van dit neoliberalisme, met zijn kaste van royaal betaalde profiteurs aan de ene kant (deze week: de Steven Martensen c.s.) en de gewone bevolking aan de andere kant. De Grieken drukten met hun stem voor Syriza hun wanhoop uit tegenover het hardvochtige, straffende Europese beleid dat de helft van hun bevolking werkloos maakte en alles wat in hun land los en vast zat dreigde te privatiseren ten profijte van enkelen. De traditionele corrupte partijen die het land aan de rand van de afgrond hebben gebracht, en zichzelf en hun rijke vrienden de gewenste fiscale ontsnappingsroutes hebben gecreëerd, richting Zwitserland en elders, zijn helemaal afgestraft. Een catharsis in de traditie van de klassieke Griekse tragedie! En zie dan de geschrokken en panikerende berichtgeving hierover in onze aan de macht gelieerde kranten en nieuwskanalen: radicaal links, links-radicaal, extreemlinks enzovoort. Het frame is overduidelijk: het zijn die Grieken die op onverantwoordelijke wijze politiek bedrijven, irrationeel gestemd hebben en zich in kwalijke zin hebben afgekeerd van de Europese orde van de ‘verstandige, weldenkende mensen’ die wij zijn. En nochtans volstaat het lezen van het Syriza-verkiezingsprogramma om een warme sympathie voor hen te krijgen. Verhoging van de minimumlonen, een echte aanpak van de fiscale fraude, investeren in gezondheidszorg, stimuleren van groene energie, stopzetten van privatiseringen en het nationaliseren van de banken (dat laatste is bezwaarlijk extreemlinks te noemen, als je beseft dat enkele jaren geleden onze overheden met ons geld de facto hetzelfde gedaan hebben om de banken van het casinokapitalistische failliet te redden), dat alles zijn toch zeer redelijke programmapunten, niet? En het is toch de democratie die gesproken heeft, dan? Trouwens, hoe democratisch verkozen zijn die Europese Commissarissen en bankiers van de Europese Centrale Bank?

Cato Maior had het niet voor Grieken, net zoals velen van zijn tijdgenoten. Er bestond zelfs een Latijns werkwoord om deze Romeinse afschuw uit te drukken: ‘graecari’, volgens mijn woordenboek ‘to live in a Greek manner’. Dit ‘graecari’ was een woord waarin alle ressentimenten tegenover de Griek en zijn in Romeinse boerenogen ‘ontaarde’ levenswandel samenkwamen. Pedofiele, onbetrouwbare, met woorden goochelende luchtfietsers en literaturelaars, die gedachtelijk waren blijven hangen in hun glorieuze vijfde eeuw, waren het, waaraan de economie alleen schapenkaas, olijven en zerpe wijn te danken had. Zoiets.

Vervang Cato Maior door Jean-Claude Juncker, huidig Europees opperhoofd en in een vorig leven ‘capo’ van de Luxemburgse fiscale regeringsmaffia, of door Jeroen Dijsselbloem, voormalig kaviaarsocialist in de diepblauwe Nederlandse regering van Mark Rutte, en nu voorzitter van de Europese ministers van financiën. Het lijkt erop dat zij, net als Cato met Carthago, Griekenland liever helemaal verwoest willen, uitverkocht aan de belangen van grote bedrijven en banken, en de bevolking verder gestraft voor de fouten van hun intussen gevluchte politieke magnaten. En dus moet onze sympathie naar die gewone Griek uitgaan. Men kan daarbij denken aan dat sympathieke Gallische dorp in de strips van Asterix, helemaal omsingeld door en hardnekkig weerstand biedend aan het Imperium Romanum.

Ik sla daarom geregeld een nieuwe fles Ouzo en Metaxa in, en ontkurk graag een fles Retsina, om met een krop in de keel, de eind december overleden Udo Jürgens indachtig, zijn grote hit ‘Griechischer Wein’ te zingen, op hun gezondheid. En dat ze een faire kans mogen krijgen.

(met dank aan Ewald Engelen en zijn column 'De Markt' in de Groene Amsterdammer van donderdag 5 februari)